Recensie: The Overstory - Richard Powers

‘Tot in de hemel’ van Richard Powers is het verhaal van negen mensen die de wereld van de bomen leren zien – en horen. Een laadmeester bij de Amerikaanse luchtmacht die tijdens de Vietnamoorlog gered wordt door een bodhiboom, een verguisde wetenschapster die bomen met elkaar hoort communiceren, een kunstenaar met een bijzondere verzameling foto’s van een bedreigde kastanjesoort: deze drie, en nog zes anderen, allen onbekenden van elkaar, zullen op verschillende manieren betrokken raken bij een laatste, heftige verzetsdaad om de resterende paar hectare oerwoud van het Noord-Amerikaanse continent van de ondergang te redden.



Ik las dit boek in het…
Engels

Hoe ik het vond
Dit boek stond al een tijd op mijn lijstje, ik weet niet meer waar ik het in eerste instantie vond maar ik nam me voor het aan te schaffen zodra ik het tegen zou komen. Op een gegeven moment liep ik met een verse boekenbon door de Scheltema en schreeuwde de hysterische kaft mijn naam - en zo geschiedde.

Wat ik ervan vond
Powers’ boek ontvouwt zich op een manier die ik nog niet eerder tegenkwam. De eerste helft bestaat uit negen korte verhalen, variërend van een geschiedenis van de familie Hoel tot een kort stukje over een wilde student die zichzelf elektrocuteert. De onderwerpen en lengtes lopen ver uiteen maar een overeenkomst is het steeds terugkerende thema van de boom.

Het korte verhalen-gedeelte
Het lezen van korte verhalen is prettig: een snel verhaaltje voor het slapengaan, een tekst die je ook uit kunt lezen in de trein. Het eerste gedeelte van dit boek was om die reden ook fijn. Powers stelt heel veel personages voor: sommigen sterven dramatisch, verdrietig - maar er blijft er altijd op zijn minst één over. Ook heeft ieder verhaal op de een of andere manier met bomen of natuur te maken.

‘Trunk’, ‘Crown’, en ‘Seed’
Waarom Powers de karakters in het eerste gedeelte van het boek introduceert wordt duidelijk in de gedeeltes Trunk, Crown, en Seed. Hier ontmoeten personages elkaar, worden ze verliefd, breken ze harten, redden ze de natuur en worden ze gearresteerd - er gebeurt simpelweg heel veel. Dat is ook waar dit boek een klein beetje de mist in gaat: zoveel verhaallijnen ontvouwen zich dat ze af en toe in de knoop raken, dat het om de paar pagina's nodig is om even terug te bladeren naar de indexpagina. Dat was prima geweest, als het nut van de vele verhaallijnen duidelijk was gebleken. Voor mij gebeurde er echter te veel en was het krachtiger geweest met minder. De hoeveelheid details is overweldigend, en niet altijd op de goede manier.

Wat wel bijzonder is aan dit boek is dat Powers je forceert om rustig te lezen. Hij schrijft pagina's lang over bomen, natuur, alles wat er in leeft - en dan gebeurt er weer iets spannends en snels dat je haast mist door de intense omschrijvingen. De boodschap is wel duidelijk: bomen zijn grootser dan we denken, de mens is nietiger dan we hopen.

Gedurende het hele boek verwonderde ik me over wat het einde zou zijn. Het stelt niet teleur. In een pagina of tien relativeert Powers het hele leven, zet hij krachtig neer dat onze relatief jonge mensheid in een fractie van tijd de aarde opmaakt, uitput. Dit is dan voor mij ook het mooiste van het boek: de honderden personages die een pagina later niet meer bestaan waren overbodig, het verhaal staat ook zonder gevoelige omwegen. De vele personages laten echter op hun eigen manier ook weer zien hoe klein de mens is, hoe weinig we er in feite toe doen vergeleken met de aarde.

Concluderend stelde het boek niet teleur. Het was duidelijk dat het een doorheenploeterboek zou worden; ik heb flink onderstreept, herlezen, teruggebladerd. De hoeveelheid detail is krankzinnig en soms net iets te veel; maar met een mooie boodschap als deze doet dat haast niet af aan het geheel. Dit is één van de boeken waar je misschien minder van geniet tijdens het lezen, maar uiteindelijk dichtklapt met een voldaan gevoel en toch wel fijne herinneringen.

Fijne quotes
(Veel. Heel veel. Hier een kleine selectie...)

P.199: '[...] where she and her father liked to sit on summer nights and listen to what other people called silence.' 

P.500: The next day dawns. The sun rises so slowly that even the birds forget there was ever anything else but dawn. 

P.423: 'In a world of perfect utility, we, too, will be forced to vanish.'



Eindoordeel ****,5


Een reactie posten